Op een heldere februarimorgen dwarrelt het zachte daglicht tussen de kale takken. In tuinen waar de kou nog net niet is geweken, sluimert een ongeziene dreiging. Elk jaar opnieuw begint daar dezelfde race: vóór de lente écht losbarst, wordt de toon gezet voor een zomer vol of juist zonder onverwachte gasten. Wat nu gebeurt, is bepalend voor het evenwicht in de tuin en de rust verderop.
Een eerste teken: laag vliegend gevaar
De lucht lijkt leeg, maar wie goed kijkt, ziet af en toe een schaduw laag langs de aarde scheren. Het is geen gewone wesp. De Aziatische hoornaar, Vespa velutina, heeft een afgemeten, sluipende manier van bewegen. Deze hoornaars blijven dicht bij de grond, altijd op zoek naar hun prooi, vaak bijen. Imkers en tuinliefhebbers herkennen ze: een 2,5 tot 3,5 centimeter lange verschijning, met een zwart borststuk, bruin achterlijf met oranje band, en uiteinden van de poten opvallend geel.
Het moment voor actie is kort
Wat in februari begint, klinkt als routine. Toch maken juist die onopvallende dagen in het vroege voorjaar het verschil. Zodra de eerste koninginnen ontwaken, zijn ze vastberaden. Ze zoeken beschutte plekken, vaak in de buurt van bloesem, composthopen of bijenkasten. Hun doel: een nieuw nest bouwen. En elke koningin die nu, tussen februari en april, wordt gevangen betekent duizenden hoornaars minder zodra de zomer op gang komt.
Zelf bouwen is eenvoudiger dan gedacht
Twee lege plastic flessen. Een mesje, stukje plakband, wat lokaas. Meer vraagt het niet, zo lijkt het. Wie deze simpele val maakt, gebruikt een lokmiddel dat onderscheid maakt tussen goed en kwaad: bruin bier met een vleugje maltaroma, witte wijn die bijen op afstand houdt, aangevuld met bessensiroop die hoornaars speciaal aantrekt. Niet zomaar suikerwater – dat zou zoveel mogelijk insecten lokken, en het gaat juist om selectieve vangst.
De beste plek, het juiste moment
Een val die zomaar ergens hangt, werkt niet. Een plekje bij bloeiende takken, op anderhalve meter hoogte, uit de wind en in de zon, verhoogt de kans. Niet op een vergeten hoekje, maar dichtbij het leven van de tuin. En altijd geldt: van februari tot eind april telt elke dag. Later is het te laat; de nesten zijn dan vol en diep verborgen, moeilijk en gevaarlijk om te verwijderen.
Bondgenoten zijn dichterbij dan gedacht
Niet alles hoeft uit een fles te komen. Natuurlijk aanwezige vogels, zoals mezen en roodborstjes, zijn onverwachte helpers. Een nestkastje, wat munt of citroengras tussen de planten kan het verschil maken. Zo ontstaat er een onzichtbare linie: tuin en biodiversiteit tegenover de invasie.
De waarde van precisie
Een val is slechts één instrument. Regelmatig controleren, zorgen dat andere nuttige insecten kunnen ontsnappen, voorkomt onbedoelde schade. Het doel blijft: maximaal beperken van de schade, zonder verder evenwicht te verstoren. In mei en juni ontstaat een nieuw aandachtspunt: het opsporen en laten verwijderen van secundaire nesten, waar hulp van buiten nodig kan zijn.
Aanpak met vooruitziende blik
Beginnen in februari klinkt misschien vroeg, misschien zelfs overbodig voor sommigen. De realiteit: juist het vroege handelen bepaalt de rust en biodiversiteit later in het jaar. Een simpele fles, doordacht opgehangen, kan het verschil maken.
De strijd tegen de Aziatische hoornaar begint wanneer de eerste winterzon verschijnt. Niet met grootse middelen, maar met oplettendheid, kleine handelingen – en het besef dat elke gevangen koningin telt. De rest van het seizoen blijft vaak stil, bijna vanzelfsprekend, voor wie nu het juiste moment niet mist.